Vrijwilligers helpen schoolkinderen uit arme gezinnen
Van onze verslaggever ‘Veel mensen geloven je eigenlijk niet, als je zegt dat er in onze welvaartsmaatschappij met de vele voorzieningen nog steeds armoede bestaat. Echte armoede en vaak stille armoede.’ Frater Paul werkt één tot twee dagdelen per week als vrijwilliger bij de Stichting Leergeld in Tilburg. 'In dienst van de armen, zeg maar.’ En dat mag je van hem best pikant noemen, als je weet dat hij, vóór hij frater werd, bij een bank werkte. ‘In dienst van het kapitaal, om het met enige overdrijving te zeggen.’
Fr. Paul gelooft heilig in de persoonlijke aanpak van Leergeld.’We gaan naar de mensen toe. We praten met hen. We zorgen dat ze hun verhaal eindelijk eens kwijt kunnen. We nemen er alle tijd voor, ook uit respect voor de stap die ze hebben moeten zetten door bij ons aan te kloppen.’
De hulpverlening van Leergeld richt zich op de kinderen. ‘We willen voorkomen dat kinderen op school het slachtoffer worden van de armoede thuis.’ Soms wijst Leergeld mensen de weg naar bestaande regelingen, naar hulpverlenende instanties. Soms ook helpt Leergeld zelf, met eigen financiële middelen. ‘De ene keer is het om de kinderen wat ontspanning te geven en dan betalen we de kosten van een club, van sport of bijvoorbeeld muziekles. En soms schieten we geld voor omdat er veel te lang op een uitkering gewacht moet worden. We proberen dan bijvoorbeeld problemen rond het aanschaffen van schoolboeken te voorkomen. Maar de gesprekken gaan maar ten dele over geld. Misschien is het feit dat we echt naar hun verhaal willen luisteren nog belangrijker. Ik word ook altijd heel gastvrij en attent ontvangen. En dat is echt niet omdat ze iets van ons gedaan willen hebben. Nee, ik ontmoet juist in de arme gezinnen echte gastvrijheid. Daar is best iets van te leren.’
Leergeld Tilburg werkt nu met zo’n zeven vrijwilligers die huisbezoeken afleggen. Zes vrouwen en één man: frater Paul. ‘Mannen kiezen kennelijk niet zo gauw voor dit soort vrijwilligerswerk. Jammer, want het geeft veel voldoening en het maakt je kijk op de wereld om je heen veel realistischer.’
Fr. Paul heeft tot z’n verbazing gemerkt dat veel arme gezinnen de weg niet weten naar de regelingen die er juist voor hen zijn. ‘En vaak durven ze ook niet. Ik heb nu al zo vaak gezien dat mensen echt niet rond kunnen komen, maar daar met niemand over praten omdat ze zich schamen. Ze doen dan de gekste dingen om de schijn op te houden. Ik zie dat mensen er onder lijden. Dat merk je aan de emoties die in een gesprek naar boven komen. Om hun kinderen zo min mogelijk tekort te laten komen, doen ouders zichzelf soms veel te kort. We zorgen dan ook wel eens voor een vakantie voor de ouders of voor het hele gezin.’
De Fraters van Tilburg vormen een congregatie die het begrip ‘barmhartigheid’ hoog in het vaandel heeft staan. Het voedt hun spiritualiteit, maar ze zijn er ook heel praktisch mee bezig. Fr. Paul: ‘Ach, barmhartigheid lijkt gauw zo’n groot woord, maar ik ben blij dat ik er op zo’n manier inhoud aan kan geven. Het is niet de barmhartigheid van aalmoezen. We zoeken steeds de wederkerigheid in de contacten met de mensen voor wie je wat kunt betekenen. En misschien heb ik bij Leergeld ondertussen wel meer geleerd, dan ik voor de mensen heb kunnen doen.’
De stichting krijgt geld van sponsors, bedrijven en particulieren, van de gemeente en vanuit ‘de kerk’ (van de Nederlands-Hervormde Gemeente te Tilburg, van de Trappisten van de Abdij Koningshoeven, van de Zusters van Liefde en van de Fraters van Tilburg).
Fr. Paul wil twee dingen nog aan dit verhaal toevoegen: het gironummer van de stichting en het adres waar mannen zich als vrijwilliger kunnen opgeven (hetzelfde adres natuurlijk als voor vrouwen):
De Stichting Leergeld zit in vele steden in Nederland.
Het landelijk bureau van de Stichting Leergeld zit op hetzelfde adres in Tilburg, maar heeft een eigen telefoonnummer: 013-5451656 (fax 013-5450331, e-mail: info@leergeld.nl; www.leergeld.nl).