Vier fraters
Niek Hanckmann
Albert van der woerd
Caspar Geertman
Paul Damen
Wat zijn fraters?
Fraters van Tilburg
Uit de tijd?
Gelofte van gehoorzaamheid
Gelofte van armoede
Gelofte van zuiverheid
Tien redenen om géén frater te worden
Mijn reden om het wel te doen
Terughoudendheid
Ouderwets
Actueel
Bron
Doordenken
mt:25
Mediteren kun je leren
Start de webmeditatie
Abonneren
Archief
Persoonlijk contact
Adressen
Snuffelen
Alles op een rij
Alle webmeditaties
Reacties op deze site
  Homewij zijn fratersfrater Niek HanckmannWeblog
kennismaking
weblog
Uit God leven
Reportages
foto's
  prOFESSIE 10-09-06
  prive
oude dagboeken
Maandag 21 februari
De week is rustig begonnen vandaag. De klas werkt goed, op een enkeling na uiteraard. De vergadering na school verloopt ook spoedig. Uiteindelijk ben ik, ondanks de vergadering, nog net op tijd voor het avondgebed thuis.
Na het eten probeer ik naar huis te bellen om te informeren hoe het met opa gaat. Opa heeft vorige week zondag een zwaar herseninfarct gehad en ligt sindsdien half verlamd in het ziekenhuis. In het begin leek het alsof het snel afgelopen zou zijn. Nu is hij toch redelijk stabiel. Mams is er vandaag naar toe en ik hoop wat nieuws te horen, maar helaas neemt niemand op.
Bij het Rode Kruis hebben we een lesavond over pijnbestrijding en infusen. Niet echt stof voor een rode-kruiser, maar wel interessant en goed om als achtergrond te weten. Wanneer Vincent me komt ophalen, vertelt hij dat hij op de heenweg het spoor niet over kon omdat er een ongeluk gebeurd was. Er stond een ambulance bij en een stukje verderop langs het spoor nog een. Waarschijnlijk was er iemand voor de trein gesprongen. Meteen ga ik een rijtje namen langs van jongeren op de kliniek die daartoe in staat zouden kunnen zijn. Het zal toch niet een van ons zijn…?

Dinsdag 22 februari
Het was inderdaad een jongere van onze kliniek. Geen leerling in onze school, maar een leerling van Mark, die op de gesloten afdeling les geeft. Ze heeft het overleefd, maar de situatie is wel kritiek en waarschijnlijk moeten haar beide onderbenen geamputeerd worden. Het team is er zichtbaar door geraakt en ook de leerlingen praten er onderling veel over. Veel geruchten ook, iedereen weet weer iets anders. Enkele leerlingen kennen jongeren die ook ooit voor de trein gesprongen zijn, sommigen hebben zelf regelmatig op dat punt gestaan. Het roept bij mij vooral vragen op. Hoe zou het nu op die besloten afdeling zijn? Wat betekent dit voor de ouders van dat meisje? Wat betekent het voor haar? Als iemand zo graag dood wil, waarom lukt dat dan niet zomaar? Is dit nu domme pech, of juist veel geluk? Wat zou God hier nou van vinden?
In de ochtendpauze krijgen we in de teamkamer te horen wat op dit moment zeker is en in de les erna vertel ik dat aan de klas. Ik merk dat het wat rust geeft in de klas wanneer ze het nu 'zeker' weten en dat bij de leerlingen dezelfde vragen leven als bij mij. De sfeer in de klas is wat bedremmeld. De een komt niet meer tot werken en staart wat voor zich uit. Een ander weet niet goed wat hij er mee moet en gaat maar lever gewoon werken. Weer een ander wil even een luchtje scheppen.
In de middag komt het bericht dat het beter gaat. Het meisje is bij kennis, maar is inderdaad allebei haar onderbenen kwijt. Zeer waarschijnlijk zal ze verder goed herstellen.
Na de middag voel ik me steeds minder fit. Is dat van de ellende van deze dag, of word ik een van de leden van het griepleiderskorps? Wanneer ik om vijf uur naar huis ga is dat rillend van de kou en de koorts; het zal wel griep zijn. Na de eucharistieviering bel ik de taiqi af en besluit ik naar bed te gaan. Eerst nog even naar huis gebeld. Met opa gaat het redelijk.

Woensdag 23 februari
Na een nacht zweten, woelen, draaien, spierpijn en rugpijn word ik toch redelijk fit wakker. Ik besluit dat ik me maar eens aankleed, naar de kapel ga, ontbijt en dan eens zie of ik naar school kan. Uiteindelijk voel ik me niet ziek genoeg om thuis te blijven en niet fit genoeg om te werken. Dat ik vandaag toch niet voor de klas sta, geeft de doorslag. Ik ziek een dag uit. Nog geen half uur nadat ik me ziek gemeld heb, begint de ellende: diarree. En vanaf dat moment kan ik elk half uur mijn bed uit om naar de wc te lopen, met als enige afwisseling hevige buikkrampen.

Donderdag 24 februari
Huisarts gebeld. Rust, uitzieken, pijnstiller tegen de krampen, als het kan wat drinken, bij voorkeur ORS. 's Middags de cursus in Antwerpen voor morgen ook maar afgebeld. Wat heb ik een hekel aan ziek zijn.
's Avonds belt mams op dat het met opa nu toch hard achteruitgaat. Ik hoop maar dat hij snel zal sterven. Opa had zo'n hekel aan alles wat met ziekte en verpleging te maken had. Hij heeft zijn hele leven zelfstandig geleefd en zou dan nu nog zou onthand verder moeten?

Vrijdag 25 februari
Het laatste stuk van de nacht heb ik geslapen, er lijkt wat rust in te komen. De ochtend en een deel van de middag ben ik uit bed en ik maak zelfs een klein wandelingetje over het terrein. Ik begin een klein beetje honger en vooral dorst te krijgen. Maar alles wat er boven ingaat, is binnen enkele uren er onder weer uit.
Om half vier realiseer ik me dat ik me met mijn eigen ziek zijn helemaal niet meer bezig gehouden heb met wat er op school leeft. Ik bel op om te informeren hoe het daar gegaan is, maar zij hebben ook geen nieuws over het meisje dat voor de trein gesprongen is.

Zaterdag 26 februari
Op het grensgebied van slapen en wakker worden heb ik een bijzondere droom. Ik ben in het ziekenhuis om opa te bezoeken, maar er is een soort kerstmarkt waar ik doorheen moet. Er staan afzichtelijke paarse kerstbomen. Even denk ik dat ik opa zie staan, maar dat is toch niet zo. Ik loop verder en dan ontmoet ik onder een van die kerstbomen oma. Ik omhels haar en op dat moment realiseer ik me dat dat niet kan, want oma is twee jaar geleden al overleden. Ik kijk op en zie opa op een afstandje staan kijken en hij knipoogt naar mij en oma.

2001 - Met vader en opa (rechts) op een familiefeest in Oirsbeek, Zuid-Limburg.

Dan ben ik klaarwakker en mijn eerste gedacht is: opa is overleden, oma en hij zijn weer bij elkaar. Ruim een uur later gaat de telefoon. Pap belt op vanuit het ziekenhuis dat opa net gestorven is.
Voor mij is het nu echt het einde van een prachtige tijd met opa en oma: De logeerpartijen in Hoensbroek, vakantie in Spanje, 'meehelpen' in de drukkerij van ome Sef, op bezoek in de kruidenierswinkel van ome Jan, toeren met de auto (voorin, terwijl pap en mam dat niks vonden!), Maastricht, Sittard, Aken, tanken in Duitsland, logeren in Vlissingen, verhalen over de staatsmijnen, oude smalbeeldfilms kijken, de wolf en de drie biggetjes, vuurtje stoken (funkelen) in de tuin, het zelfgemaakte speelgoed, een hut maken van het opklapbed, leren schaken en puzzelen, op de borden trommelen met een lepel als de pudding niet snel genoeg kwam, de gezellige oudejaarsavonden, de busjes met guldens op de verjaardag, voor ieder jaar één (en wel goed natellen!), dat ze er altijd waren met verjaardagen, diploma-uitreikingen, mijn intreden en mijn eerste professie, en vooral het laatste jaar de gesprekjes met opa over het verleden, over het leven en over het ziekbed van oma. Aan al die herinneringen zal vanaf nu niets meer toegevoegd worden

 

week 9, 2005
Maandag 21 feb
Dinsdag 22 feb
Woensdag 23 feb
Donderdag 24 feb
Vrijdag 25 feb
Zaterdag 26 feb
week 4 (23 jan - 29 jan)
week 53 (26 dec 04 - 1 jan)
week 49 (29 nov - 5 dec)
week 45 (1-6 nov)
week 41 (3-9 okt)

week 38 (5-11 sept)

week 29 (12 - 18 juli)

week 25 (14 - 20 juni)

week 21 (16 - 22 mei)

week 7 (9 - 15 feb)