Vier fraters
Niek Hanckmann
Albert van der woerd
Caspar Geertman
Paul Damen
Wat zijn fraters?
Fraters van Tilburg
Uit de tijd?
Gelofte van gehoorzaamheid
Gelofte van armoede
Gelofte van zuiverheid
Tien redenen om géén frater te worden
Mijn reden om het wel te doen
Terughoudendheid
Ouderwets
Actueel
Bron
Doordenken
mt:25
Mediteren kun je leren
Start de webmeditatie
Abonneren
Archief
Persoonlijk contact
Adressen
Snuffelen
Alles op een rij
Alle webmeditaties
Reacties op deze site
  HomeWord géén frater!MIJN REDEN OM HET WEL TE DOEN
Niek Hanckmann
‘Wil ik dit leven goed doen, dan moet het ook radicaal en niet vrijblijvend zijn. Frater-zijn is voor mij dé manier om een leven te leiden vanuit m’n geloof, dichtbij God en toch heel praktisch, gericht op mensen. Het is niet makkelijk er woorden voor te vinden, maar het heeft ook te maken met een breed verlangen om dienstbaar te zijn, om mensen te dienen. Als ik samenvat waarom ik frater ben geworden, dan is het om God en de mens te dienen.’

Paul Damen
‘Ik wil naast mensen staan die maatschappelijk, zakelijk en economisch eigenlijk niks voorstellen. Onvoorwaardelijk voor hen kiezen geeft mij warmte en kracht. Ik wil dat doen vanuit een plek waar God, de bijbel en het Evangelie vitaal aanwezig zijn. Dat brengt mij blijdschap en geluk. Ik hoopte op zoiets toen ik mijn werk bij een bank neerlegde om frater te worden. Barmhartigheid en broederschap zijn voor mij nu leidende beginselen in m’n leven geworden.’

 

Caspar Geertman
‘Bij mij draait het allemaal om mijn relatie tot God. Ik ben me door God gedragen gaan voelen. Ik beleef Hem in mezelf, in andere mensen en ook in de dingen om me heen. Daarvoor wilde ik alle ruimte maken door frater te worden. Het draagt bij aan m’n levensgeluk dat ik samen met anderen kan zoeken naar God en van Hem kan getuigen en dat ik dat mag doen in de omgeving van een ook heel praktisch ingestelde gemeenschap.’

Albert van der Woerd
‘Ik wil eraan bijdragen dat het geloof voor jonge mensen, voor nieuwe generaties, een geloofwaardige optie kan worden. Ik wil jongeren een eerlijke, echte plek geven in de kerk. Zelf ben ik laat met de kerk in contact gekomen. Terwijl ik me verdiepte in het katholieke geloof, viel me de oppervlakkigheid of de schijnverdieping in de samenleving pas goed op. Het was voor mij echt een groot cadeau bij de kerk te kunnen horen. Ik denk dat ik dat door wil geven.’