fr. Broer Huitema geeft ons bij het vertrek de reiszegen
zaterdag 14 augustus, eerste dag
Tilburg – Chartres
Albert
Om half acht in de morgen zijn we in Tilburg samen in de kapel van het generalaat van onze congregatie voor een eucharistieviering. Norbert Swagemakers, een jonge pastoor in Schijndel, gaat erin voor. Hij is een goede bekende van ons, Niek, Caspar en Albert, en hij gaat ook mee op deze reis. Aan het slot van de viering ontvangt iedereen van frater Broer een keycord met onze naambadge. Badboys staat erop het keycord. Daar moeten we wel even om lachen.
Tijdens het gezamenlijke ontbijt ontvangen we van de chauffeur Piet het Brabants Dagblad, met daarin een mooi artikel over onze tocht. Goeie PR, ook voor de website.
Buiten het generalaat, op het gras, zingen we ons eenvoudige pelgrimslied en spreekt Broer de reiszegen uit. Na een hartelijk afscheid van de thuisblijvers gaan we op weg.
Het is smerig weer, ik zie truien verschijnen vooral bij de medebroeders uit Indonesië. Ik realiseer me dat ik er geen bij me heb!
Als we 120 km van Parijs zijn lunchen we. De gastvrouwen van het wegrestaurant zijn nieuwsgierig naar onze groep. Als we zeggen dat we op zoek zijn naar Vincent de Paul, dan zijn ze niet eens zo verbaasd. Folleville, de stad van zijn ‘bekering’is hier niet ver vandaan en over een week is hier zelfs een son-et-lumiere over het leven van Vincent! Jammer dat we die missen. Na een goede maaltijd vertrekken we richting Chartres.
In de bus wordt het inmiddels erg stil….
Caspar en Niek vóór de kathedraal van Chartres, waarvan de deur op slot was.
Natuurlijk, als je net in Frankrijk bent dan kijk je naar een spelletje petanque…
Tegen vijven komen we in Chartres aan. De majestueuze kathedraal is al van ver te zien. Als ik er even snel binnenga is er juist een viering aan de gang. Toch wel mooi dat kerken vroeger zo donker waren. Misschien gaan bidden en kijken wel niet zo goed samen.
Na de avondmaaltijd willen we als groep nog naar binnen, maar helaas: deur op slot. Op een veldje tussen wat bomen wordt petanque gespeeld. De buschauffeur gaat meedoen. Hij is heel goed. Even later is er een soort internationale competitie aan de gang met Fransen, een Nederlander, Kenianen en Indonesiërs. Wij kijken met z’n drieën toe vanaf een muurtje.
Aan het eind van de dag hebben we een gezamenlijk avondgebed, nog een uitwisseling met elkaar, en een kanjer van een dorst.
Niek:
Op zo’n reisdag is er maar weinig Vincentius en ook de bestemming Chartres heeft met Vincentius niks te maken. Toch ben ik een ervaring rijker. Wat is het goed om op reis te zijn samen met jonge medebroeders, leeftijdgenoten, uit andere landen. Zo word ik me ervan bewust dat ik niet een van de weinigen ben die kiest voor een leven als frater, maar een van velen.
De kathedraal van Chartres staat in de steigers.
Caspar:
Guillaume en Leo hebben mij vandaag het meeste beziggehouden. Eén week voor vertrek verzocht om als reisleider mee te gaan, en alle twee hebben ze ja gezegd. Hun eigen plannen, ideeën of verplichtingen hebben ze opzij gezet, soepel en vanzelfsprekend. Er is ook aandacht in de bus voor het karakter van een pelgrimage. Bij Vincentius waren er ook die elementen die ik bij Guillaume heb gezien: eigenbelang op de tweede plaats, oog voor mensen die je nodig hebben en daarbij aandacht hebben voor het religieuze en het spirituele.