[Vorig bericht: "Tien kleine negertjes"] [Volgend bericht: "Een klas erbij"]
22/02/2006: "Voetvolley"
Er zijn van die momenten dat ik denk dat ik alles kan, nou ja, op zijn minst een beetje kan. Én er zijn van die moment dat ik er hard mee geconfronteerd wordt dat dat niet zo is. Een gymles voetvolleybal is er daar een van. Het idee is simpel. Een volleybalnet op halve hoogte, een bal, twee partijen en dan volleyen. Maar wel zonder je handen te gebruiken.
En daar sta ik dan, ten overstaan van twee klassen leerlingen te stuntelen. Om te wennen trap ik eerst maar eens onder de bal door en eroverheen. Als ik een poosje bezig ben, dan lukt het me wel om de bal te raken. Alleen de richting... de bal vliegt alle kanten op, tot vermaak van mijn leerlingen. Wanneer ik aan het net sta probeer ik een kopbal. Dat lukt tot mijn eigen verbazing. Ik realiseer me dat dat volgens mij mijn eerste kopbal is die ik ooit gemaakt heb (ballen die ik per ongeluk tegen mijn kop gekregen heb niet meegerekend). De tweede kopbal is meer met mijn neus dan met mijn kop, maar gaat wel over het net. Het levert me weer een lachend publiek van leerlingen terwijl ik mijn zere neus sta te wrijven.
En dan serveren. De eerste bal mis ik. De tweede vliegt naar achteren in plaats van naar voren. Bij een volgende beurt gaan de ballen respectievelijk naar links en naar rechts. Ik zak bijna door de grond wanneer een leerling serieus vraagt: "Niek, doe je nou alsof of kun je het echt niet?"
Ik zie de gymlessen van mijn middelbare schooltijd weer voor me, met gymleraren die je belachelijk maakten wanneer je het niet kon. En dan bedenk ik dat dit voor sommige van onze leerlingen - die echt niet allemaal sportsterren zijn - toch heerlijk moet zijn. Ze zijn allemaal beter dan de leraar!
Zo troost ik mezelf maar dat mijn gestuntel toch een functie heeft. Maar ondertussen hoop ik toch stiekum dat we voorlopig geen voetvolley meer spelen.

