[Vorig bericht: "Geen eer aan te behalen?"] [Volgend bericht: "Drie weken weg"]
13/11/2005: "Macho's in de psalmen"
Er is heel wat macho-gedrag in de wereld.
Als ik om me heen kijk, zie ik nogal wat dominant gedrag. Ik bedoel daarmee het ‘mannelijke’, het hanige: drammen, erop aansturen dat anderen doen wat ik wil. Gewoon de baas willen spelen dus.
Bij mezelf zie ik dat gedrag soms ook. Als ik eerlijk ben, moet ik zeggen dat ik het bij mezelf meestal pas zie wanneer anderen me daarop attent maken.
Het lijkt eenvoudigweg bij het leven te horen. Toch...
Toch is het gevaarlijk om er zo gemakkelijk over te denken.
Dominant gedrag, macho-achtig optreden kan relaties stuk maken. Het tast de waardigheid van mensen aan, soms openlijk en met grof geweld, soms ook sluipend en subtiel.
Een tijdje geleden heb ik ontdekt dat in psalmen over dit hanige gedrag gesproken wordt. Eén daarvan, psalm 4, trof me heel bijzonder.
Die dominante lui worden daarin aangesproken, en wel als mensen die leven in een wereld van schijn en van leugen. Daarmee kiezen ze voor het tegendeel van spiritualiteit – de wind die door alle domeinen van het leven waait – want spiritualiteit betekent nu juist dat tegen jou gezegd wordt: “Wees er! Je mag er zijn, je mag leven, je vrij voelen.”
Maar wanneer de waardigheid van een mens wordt aangetast, door die macho’s die de baas willen spelen, dan mag die mens er niet zijn. Dàt wordt dan eigenlijk tegen haar of hem gezegd, en dit knijpt het leven af.
In psalm 4 kun je echter lezen dat ieder mens een gunsteling van God is en bedoeld als een koninklijk mens. Ieder is voor Hem die éne bij uitstek, die geliefde mens die oneindig kostbaar is.
Hoezo dan: domineren, de baas spelen, aan anderen jouw normen opleggen en verlangen dat ze eraan voldoen (en jij de lat steeds maar hoger leggen)? Als je dat doet, word je ook naar jezelf toe dwingend. Je gaat dan je diepste behoeften overschreeuwen, aan geborgenheid en bemind-worden. Je bent niet waarachtig meer en je voelt je niet meer Gods gunsteling. Het wordt haast onmogelijk om nog echte vreugde te voelen.
Hoezo dan: van mezelf vinden dat ik een sukkel ben omdat ik niet aan de norm voldoe? Wie heeft die norm opgesteld en is die wel zo ‘heilig’? Is het niet een bedenksel van een drammerige man of vrouw die de baas wil spelen en die zelf de echte levensvreugde niet kent?
Afgelopen woensdag mocht ik in eigen huis, in de Elimzaal, een avond verzorgen over psalm 4. Aan de orde kwam nog heel wat meer dan ik in dit weblog kan beschrijven. We waren met tienen en ik vond het fijn en boeiend om samen in deze psalm te duiken en ons eigen leven daarin te spiegelen.

