[Vorig bericht: "Een feestelijke ‘vierdaagse’"] [Volgend bericht: "Moe van het moeten kiezen"]
15/08/2007: "Een moeilijk feest?"

Vandaag viert de kerk Maria-ten-hemelopneming.
Voor sommigen is dit een moeilijk feest. In de Elimcommuniteit vieren we vanavond eucharistie met de fraters uit Udenhout. De pastoor van onze parochie zal erin voorgaan en het is mijn beurt om de viering voor te bereiden.
Ik heb een korte inleiding geschreven, die ik ook hier graag laat volgen.
Het evangelie van vandaag laat ons Maria in de eerste plaats zien als gelovige, die net als wij haar vertrouwen stelt op de God van Israël. Ze heeft niets zweverigs maar staat met beide benen op de grond. Haar ‘Magnificat’ (Lucas 1, 46 – 55) heeft veel van een protestlied tegen machtsmisbruik, onderdrukking en hooghartigheid. Degene die niet met zijn ellebogen werkt maar leeft in ontzag voor God, krijgt een ereplaats. En Maria was zelf in de eerste plaats zo iemand.
In de eerste lezing – uit de Openbaring van Johannes – wordt de naam van Maria niet genoemd. Er is sprake van ‘een vrouw’ van wie het kind door een draak wordt bedreigd. Zowel het kind als de vrouw vallen onder Gods bescherming en blijven ongedeerd. Het lijkt alsof het Magnificat hierin doorklinkt: niet de onderdrukker heeft het laatste woord, maar degene met een zuiver hart die zich onder de hoede stelt van de God van Israël.
Ik zie het feest van vandaag ook als een verwijzing naar Pasen. In de lezing uit Paulus’ Korintiërsbrief is sprake van herleven na de dood. Christus heeft dat als eerste mogen beleven, maar het wordt ook diegenen in het vooruitzicht gesteld, die Hem toebehoren.
Aan ons dus.
Aan Maria, die als gelovige heeft geleefd.
Misschien mogen we in de geloofsuitspraak van de Kerk over Maria’s tenhemelopneming vooral vertrouwen horen: vertrouwen dat iemand die zo vanuit haar geloof geleefd heeft als zij, het eeuwig leven wel moet hebben verkregen. Vertrouwen ook dat hetzelfde geldt voor ieder ander mens wiens leven zo in het teken staat van geloof.

